De oostkust van Australië: een tropische ontdekkingstocht

Even de oostkust van Australië verkennen, dat was het plan. Makkelijk gezegd, ware het niet dat het een behoorlijk lange oostkust is. Een luttele 2600 km ligt er ongeveer tussen Cairns en Sydney. Om een idee te krijgen van de afstand: van Groningen naar Moskou is zelfs iets korter. Maar goed, we hebben er 5 week voor uitgetrokken, dus dat moet goed komen.

Onze ontdekkingsreis langs de oostkust begon dus in Cairns, waar we na een binnenlandse vlucht vanuit Melbourne aankwamen. Wat valt er over Cairns te zeggen? Tja, het is er oké. Het is eigenlijk dé plek om naar de Great Barrier Reef te gaan en omdat iedereen dat hier ook doet, zitten er ongelooflijk veel horecagelegenheden als ook allerlei accommodaties, waaronder veel hostels. In één daarvan zaten Mark en ik en ik durf te zeggen dat dit het beste hostel van Cairns is. Het is tot nu toe in ieder geval het beste hostel in Australië waar ik verbleven ben. Travellers Oasis heet dit en zeker voor backpackers maken ze die naam meer dan waar. Ook wij wouden wel eens een kijkje nemen op het ooh zo beroemde Reef en hadden daarvoor een dagtrip geboekt, die de mogelijkheid gaf om te duiken in het prachtige water vol bijzondere wezens. Behoorlijk spannend, want gedoken heb ik nog nooit en duiken in het Great Barrier Reef was iets, wat voor me onmogelijk leek. Je komt daar immers niet zo snel. Maar nu was het moment ineens daar. Na een korte briefing mochten we dan ons duikerspak aandoen en licht zenuwachtig sprong ik uiteindelijk het heerlijke, blauwe water in. Na nog wat oefeningen in het water te hebben gedaan, doken we naar ongeveer 8 meter diepte en kon ik, eenmaal bijgekomen van de zenuwen, genieten van al het moois onder water. Ontzettend veel vissen in alle soorten en maten zwommen om me heen en ik heb een schildpad en haai mogen zien rondspartelen. Het was een ervaring om nooit te vergeten! Behalve dit duikavontuur hebben we verder een mooie cruise over het Reef gehad, kon er nog gesnorkeld worden en genoten we van dit moment op the Great Barrier Reef. Al met al een geweldige dag!

Verder hebben we vanuit Cairns een dagtocht geboekt die ons een paar mooie plekken van het binnenland van het tropische Queensland ging laten zien. Met een kleine groep maakten we een mooie busreis langs de kust naar Cape Tribulation, een dorpje aan de rand van een eeuwenoud tropisch regenwoud en met een prachtig strand. Tijdens de trip naar ‘Trib’ maakten we een wandeling in dit regenwoud met bijzondere planten, bomen en dieren, speurden we naar krokodillen in de Daintree River (uiteindelijk ook 1 gezien) en konden we een duik nemen in de mooie Mossman Gorge. We werden hierbij begeleid door George, een echte aboriginal afkomstig uit deze regio, die ons tientallen verhalen, anekdotes en feitjes voorschotelde. Na opnieuw een lange, maar ontzettend interessante en mooie natuurdag genoten we van een laatste relaxte avond in Travellers Oasis, want het was tijd om deze prachtige plek te verlaten. Mission Beach werd onze volgende stop langs de oostkust. Deze plek wordt vooral bezocht voor een skydive of om aan het strand te liggen. Dat eerste hadden we al gedaan (in Nieuw Zeeland) en dus deden we het tweede. Simple as that!

Na deze stranddag gingen we verder naar Townsville, waar we meteen de ferry pakten naar Magnetic Island, het eerste eiland van Australië wat we bezochten. Magnetic Island is een prachtig eiland, waar gewoond (rond de 2000 bewoners)  en gewerkt wordt. Het grootste gedeelte ervan is Nationaal Park en onbereikbaar. Er blijft echter nog genoeg over wat wel bezocht kan worden. Zo zijn er meerdere wandeltochten uitgestippeld door de heuvels en bossen van het eiland en langs de vele baaien die het eiland rijk is. Twee van dat soort wandelingen heb ik gedaan, echt schitterend. Uiteraard hoort zwemmen er ook bij en hebben we even heerlijk vakantie gehouden. Als accomodatie hadden we namelijk een Guest House geboekt, waar geen andere backpacker te vinden was. Andere gasten waren ook schaars, waardoor het er heerlijk rustig was. Een opmerkelijke gast echter was de Kookaburra, een van de vele bijzondere vogels van Australië. Deze vergezelde ons tijdens het ontbijt op de veranda met uitzicht op de oceaan. Beter kon eigenlijk niet!

Na drie dagen op dit eiland mochten we weer de Greyhound-bus in, die ons naar Airlie Beach bracht. Dit plaatsje bezochten we om dezelfde reden die alle andere duizenden toeristen ook hebben: een cruise naar de Whitsunday Islands. Dit is een archipel bestaande uit 73 onbewoonde, heuvelachtige eilanden die allen ook in het Reef liggen. Op een aantal ervan huizen helaas superluxe resorts, maar gelukkig gingen we daar niet heen. We hadden namelijk een zeiltrip geboekt op een catamaran, waarop we ook gingen overnachten. Samen met acht anderen (7 Duitsers en een Braziliaan) en twee schippers hebben we een heerlijk weekendje ‘uitwaaien’ beleefd. Snorkelen, zwemmen, luieren en heerlijk eten waren de voornaamste activiteiten tijdens de tocht. Eenmaal hebben we nog voet aan land gezet. Dat was voor een wandeling op Whitsunday Island, het grootste eiland van de 73 (onbewoond en zonder resorts) en degene met het mooiste strand, namelijk Whiteheaven Beach (misschien wel de mooiste van heel Australië). Na dit zeilavontuur hadden we nog een dag om het plaatsje Airlie Beach te verkennen. Maar veel valt hier niet te ontdekken, behalve op stap gaan in de vele bars en clubs die zijn ontstaan om alle backpackers te vermaken. Maar dat sloegen we over, omdat we namelijk de nachtbus zouden pakken naar alweer het zoveelste plaatsje tijdens onze reis Down Under. Agnes Water werd het dit keer. Dit kleine plaatsje is vooral populair om te surfen. Verder heeft het een historische betekenis. Vlakbij kwam Captain Cook namelijk voor het eerst aan land van wat nu de deelstaat Queensland is. Dat gebeurde zes kilometer verder in het jaar 1770. En speciaal daarvoor is er een dorp ontstaan, die dat jaartal als plaatsnaam heeft. Ik besloot om per fiets dit stukje land te verkennen. Het is een ontzettend klein dorp, volledig omringd door de oceaan, wat prachtige vergezichten opleverde. Best bijzonder dus.

Wat betreft de afstand Cairns – Sydney zaten we nu ongeveer op de helft. En we hadden nog drie week te gaan. Prima op schema overigens. Op het moment dat ik dit schrijf hebben we nog twee weekjes voor de boeg. De afgelopen week hebben we in het plaatsje Noosa doorgebracht. Dat komt vooral omdat we vanuit hier een weekend naar Fraser Island zijn gegaan en omdat we hier een heerlijk hostel hebben gevonden, met prima kamers, faciliteiten en mensen en met Flashpackers als ‘catchy name’. En daar wouden we nog wel een extra nachtje blijven. Fraser Island was trouwens een fantastische belevenis. Het is het grootste zandeiland ter wereld, waar je alleen maar met 4WD-auto’s mag en kan komen. Er zijn namelijk geen wegen, maar het is enkel zand waar je over rijdt. Fraser Island is één groot natuurwonder. Er wonen iets van 200 mensen in de paar kleine dorpjes en verder is het vooral veel bos, meren, strand en héél veel zand wat je aantreft. De drie dagen vlogen voorbij. Met vier 4WD vehicles als vervoersmiddelen verkenden we, een groep van ongeveer 25 mensen, het eiland. En onze gids Dave liet ons vele mooie plekken van het eiland zien, waaronder twee schitterende meren, Lake Wabby en Lake McKenzie, de Champagne Pools, een bijzonder stukje rainforrest en Indian Heads (een rotsformatie met prachtig uitzicht). We kampeerden op een prachtige plek, tussen de duinen met de golven van de zee als achtergrondmuziek. En zelf scheuren in een 4WD over het strand, langs de oceaan en door de prachtige natuur was een ongelooflijke ervaring. Zeker op de terugweg, toen het al pikkedonker was, en ik een groepje veilig terug naar Noosa mocht brengen. Dave complimenteerde me met mijn ‘driving’. Altijd leuk!

Verder heb ik mijn eerste surfervaring in Noosa opgedaan. Zeker in dit gedeelte van Australië moest ik er toch een keer aan geloven. Het was best leuk om te proberen, maar succesvol was het allerminst. Het zal ook niet meteen mijn favoriete sport worden, zit toch liever op de fiets. Tot slot mag het bezoekje aan Australia Zoo niet ongenoemd blijven. Het is volgens mij één van de bekendste dierentuinen van de wereld, vanwege het feit dat Steve Irwin, juist the Crocodile Hunter, deze heeft opgericht. En de zoutwaterkrokodillen zijn ook de grootste trekpleister van deze Zoo, met een heus Crocoseum en een krokodillenshow. Maar aan andere dieren ook geen gebrek. Koala’s, kangoeroes, alligators, slangen en reuzenschilpadden zijn slechts een kleine greep uit de bijzonder grote selectie dieren die hier rond lopen, zwemmen, vliegen of slapen.

En dan zijn er dus nog twee weekjes over van mijn reisavontuur aan de andere kant van de wereld! Mijn laatste reisblog zal ik waarschijnlijk pas schrijven als ik terug ben in Nederland. Best apart om dat te zeggen, na zo’n lange tijd. Maar ook wel weer fijn om naar mijn stad Groningen terug te keren. Nog een kleine 1000 kilometer is het tot Sydney, van waar ik terug vlieg. Ofwel, genoeg om er nog een mooie twee week van te maken.

See you all soon!

image

image

image

image

image

Foto’s: mijn duik in the Reef; uitzicht op Magnetic Island; zeilen op de whitsundays; toeren per 4WD op Fraser Island; een of ander kangoeroe in Australia Zoo.

Een gedachte over “De oostkust van Australië: een tropische ontdekkingstocht

  1. Leuk verhaal Denny!

    Ze zeggen wel eens dat baasjes op hun honden gaan lijken maar dat duikers op vissen gaan lijken is nu ook wel bewezen!

    Goeie reis terug

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s